nieuws

Pand kinderen belast in box 1 DGA (ongebruikelijke terbeschikkingstellingsituatie)

november 2010

X en zijn zus kopen een pand van hun vader. Koopsom wordt schuldig gebleven. Er wordt hypothecaire zekerheid gegeven. Het pand wordt verhuurd aan de BV van vader. Vader heeft ook zijn vordering ingebracht in zijn BV. Daardoor ontstaat de situatie dat de BV huur betaalt aan de kinderen en de kinderen rente en aflossing betalen aan de BV. In 20 jaar zou de BV helemaal zijn afgelost en is het pand onbezwaard bij de kinderen. De kinderen geven het pand (minus de schuld) aan in box 3. De Hoge Raad beslist echter dat het pand in box 1 thuishoort. Er is namelijk sprake van een zogenoemde ongebruikelijke terbeschikkingstelling.

Om te bepalen of sprake is van zo’n ongebruikelijke terbeschikkingstellingsituatie moet namelijk niet gekeken worden naar de verschillende rechtshandelingen, die ieder op zich zakelijk zijn, maar naar het resultaat van het geheel van de rechtshandelingen. Daarvan komt de Hoge Raad tot de conclusie dat dat in niet-familieverhoudingen niet voorkomt. Het arrest is een van de eerste uitspraken over de ongebruikelijke terbeschikkingstellingsregeling. Duidelijk is dat bij verhuur van onroerende zaken door de kinderen aan de BV van de ouders, zakelijke voorwaarden voor zowel de verhuur als de financiering als voor het totaal moeten worden gehanteerd om binnen box 3 te blijven.

Bron: HR 15 oktober 2010, nr. 09/02120

nieuws